4-mei toespraak van burgemeester De Graaf

Hieronder volgt de toespraak die burgemeester De Graaf heeft uitgesproken tijdens de Dodenherdenking op 4 mei.

Geachte aanwezigen, dames en heren, jongens en meisjes,

Vandaag is het 4 mei 2018. Jaarlijks herdenken we op deze datum allen die gevallen zijn in de tweede wereldoorlog, voor onze vrede en vrijheid. Maar we staan ook stil bij allen die daarna in Indië én bij vredesacties over de hele wereld hun leven lieten. En natuurlijk zijn vandaag, hier in Heerde, onze lokale helden in onze gedachten, evenals de Joden uit onze gemeente die slachtoffer zijn geworden van de Shoah. Wij voelen ons met hen verbonden. Wij mogen nooit vergeten wat zij hebben doorgemaakt.

In het besef welke ónvrijheid en onderdrukking deze mensen hebben moeten meemaken noem ik hier vanavond de namen van hen die hebben gevochten voor de vrijheid die wij morgen weer mogen vieren en die daarvoor hun leven hebben gegeven, van hen die als gevolg van het oorlogsgeweld zijn overleden, van onze Indiëgangers en van hen die slachtoffer zijn geworden van de Shoah. De namen die hier achter mij voor altijd in steen staan gebeiteld:

Militairen:
H.J. de Jong, G. van Leeuwen, G. van Triest

Verzetsmensen:
A. van Apeldoorn, G.J.H. van Apeldoorn, J. Borg, B.J. van Dijk, G. Fijnvandraat, L.B. van Huffelen, M.P.S. van Kleef, J.G. Pleiter, A. Roosmale Nepveu, W.W. Tölke, H. Eilander, H.J. Kroeze.

Burgers:
B.J. Bronsink, D.H. Eilander, S. Eilander, J. de Graaf, G.J. Haverkamp, G. Kers-Eikelboom,  K. van Lohuizen, Jan Roke, Joh. Roke, G. de Ruiter, J. Stoffer, H.C. Vels- van Leeuwen, J.M. de Graaf, E. Nathans- Kohen, E. Kohen- Gans, D.S. Kohen, H. Suurenbroek

Indiëgangers:
H. Bosman, L. Bruggeman, H. Daanen, H. van Lohuizen, J. Mondria, J. Vorsthof, J. van Vreden, H. Zwerus.

Joodse bewoners die slachtoffer zijn geworden van de Shoah:
J. van Dijk, E.S. Goudsmit, E.M. Hijmans, R. Strauss, A. Vredenburg en M. de Vries.

Zij schreven voor ons geschiedenis. Het is onze dure plicht om daar ieder jaar bij stil te staan. We mogen hen nooit vergeten.

 

Al 73 jaar kennen we, gelukkig, vrede in ons land. Een historisch ongekend lange periode zonder oorlog. Natuurlijk hebben we die vrede te danken aan de militairen die ons bevrijd hebben en waarvan velen hun leven voor ons hebben gegeven. Maar de rol van het verzet mogen we hier zeker ook niet bij vergeten. Niet voor niets is het ‘Jaar van Verzet’ het thema voor de Dodenherdenking 2018. Mede dankzij de moed van hen die in het verzet hebben gezeten, en van wie velen dat met hun leven hebben moeten bekopen, kon de vrijheid in 1945 gestalte krijgen. Zij die zonder de inzet van de verzetsmensen de oorlog niet zouden hebben overleefd, konden de bevrijding nu mee vieren.

Verzet heeft, zo lang na de oorlog, een andere betekenis gekregen dan ten tijde van de Tweede Wereldoorlog. Het woord verzet wordt nog altijd gebruikt, maar nu verzetten we ons bijvoorbeeld tegen regels van de overheid, tegen te lage onderwijslonen of tegen de komst van asielzoekerscentra. Natuurlijk wil ik deze vormen van verzet niet onderschatten, maar het is een heel ander soort verzet dan het type verzet waar we aan denken bij de verzetsmensen van de Tweede Wereldoorlog.
Hedendaags verzet is toch vaak gericht op je eigen situatie. Het verzet dat tijdens de Tweede Wereldoorlog werd gepleegd, was veelal gericht op de ander. Hoe vaak gebeurde het niet dat verzetsmensen een onderduikadres boden aan mensen die ze totaal niet kenden. Geheel belangeloos zetten ze hun eigen leven op het spel voor die ander. Misschien zit de kern van het woord verzet daar wel in voor mij. Niet opkomen voor je eigen belang, maar voor het algemeen belang. Je eigen belang opzij zetten voor het bredere belang van de medemens.

In veel landen in deze wereld zien we dat type verzet nog vaak opduiken. Enkele jaren geleden, bijvoorbeeld, ontstond de Arabische Lente. Mensen die in opstand kwamen tegen hun regimes. Velen gaven hun leven in een poging het leven van hun landgenoten te verbeteren. Maar ook in landen als Rusland of Turkije durven mensen zich te verzetten tegen de overheid, terwijl ze weten dat ze daarvoor opgepakt kunnen worden. En toch stellen zij het algemeen belang vóór hun eigen belang.

En hoe zit dat hier in hedendaags Nederland? Gelukkig leven we hier in een vrij en welvarend land. Verzet mag, en we hoeven daarbij niet meer voor ons eigen hachje te vrezen. Maar als Nederlanders mogen we ook over onze landsgrenzen heen kijken. Want we kunnen wel ondersteuning bieden aan verzet wereldwijd, om de rechten van de burgers in die landen te ondersteunen. Als Nederland steunen we met vredesmissies het verzet tegen gevaarlijke groeperingen in bijvoorbeeld Mali, Irak en Afghanistan. Maar ook dichter bij huis kunnen we ondersteuning bieden aan verzet. Zo verzet Amnesty International, dat in april haar 50-jarig bestaan vierde, zich tegen aantasting van mensenrechten wereldwijd. Hoe gemakkelijk is het voor ons om dat te steunen.
Maar denk ook eens aan de velen die tegenwoordig hun land ontvluchten, bijvoorbeeld Syriërs, omdat ze vrezen voor hun leven. Zojuist gaf ik al als voorbeeld de verzetsmensen die onderduikers opnamen in hun huis om hen zo veiligheid te bieden. Nu zijn het de vluchtelingen uit oorlogslanden of landen met vijandige groeperingen die veiligheid zoeken…

2018 is het jaar van Verzet. Vandaag herdenken we iedereen die tijdens de Tweede Wereldoorlog of tijdens vredesmissies daarna zijn of haar leven heeft gegeven voor ons aller vrijheid. In het bijzonder de verzetsmensen. Laten we een voorbeeld nemen aan de moed van deze mensen. Want ook nu zijn er nog veel mensen wereldwijd die baat hebben bij anderen die het voor hen op durven te nemen. Deze vorm van verzet begint bij jezelf, maar is in het belang van de ander!

Uitgelicht